Title Image

Kindertandheelkunde

Kindertandheelkunde

In De Copiloot richten we ons voornamelijk tot kinderen. Voor  extreem bange kindjes, kinderen en jongeren met veel “gaatjes” en soms met gedragsproblemen, heeft de tandarts heel wat behandelmogelijkheden. Daarnaast richt een kindertandarts zich specifiek op kinderen met een lichamelijke of verstandelijke beperking of met een achterliggend medisch probleem. Door regelmatig op bezoek te komen laten we je kind rustig wennen aan het tandartsgebeuren en kan een behandeling in stapjes worden opgebouwd. Belangrijk is dat kinderen begrijpen waarom ze behandeld moeten worden en hoe dat in zijn werk gaat. Als ze wat groter zijn, kunnen we ze dat uitleggen. Kinderen begrijpen echter lang niet altijd waarom ze behandeld moeten worden. Soms zijn kinderen te jong om de behandeling te begrijpen en er goed mee om te gaan. In die gevallen kan sedatie een mogelijkheid bieden om uw kind toch te kunnen helpen. Samen met de ouders zoeken we steeds naar een juiste behandelmethode van jouw kind.

Opvolging van de eerste tandjes, de melktandjes en vooral het wisselgebit van de jonge puber is zeer belangrijk. Aangezien kinderen niet altijd even gemakkelijk te behandelen zijn is preventie nog steeds de beste zorg. Wij adviseren daarom om je kind vanaf de 3de verjaardag te laten kennismaken met de (kinder)tandarts, zodat ze stap per stap vertrouwd geraken met de tandarts en geen angst ontwikkelen. Wanneer ze ouder zijn dan 4 jaar is het belangrijk dat ze halfjaarlijks op controle komen. Zo kunnen we de staat van het gebit goed evalueren en bijsturen als er beter gepoetst zou moeten worden.  Bij een regelmatig bezoek kunnen we ook sneller ingrijpen bij kleine gaatjes, en zo ernstige problemen voorkomen. Daarnaast kunnen we de ontwikkeling van het ‘volwassen gebit’ opvolgen. Zijn alle tanden aangelegd? Is orthodontie nodig? Is er een reden waarom mijn kind zo laat wisselt?

Bereid uw kind voor op het eerste bezoek. Vertel dat hij of zij mee mag naar de tandarts. Leg uit wat daar allemaal te zien is, zoals een mooie stoel, een grote lamp… Zeg er ook bij dat uw kind misschien even op die stoel mag zitten. Vertel dat de tandarts deze of de volgende keer ook even in zijn of haar mond wil kijken, net zoals bij u zelf. Prikkel de nieuwsgierigheid. Een tandartsbezoek is normaal en hoort erbij. Tijdens het eerste tandartsbezoek zal de tandarts de tandjes tellen en zal de tandarts vooral veel tijd besteden aan advies en voorlichting.

Bereid uw kind goed voor als de tandarts een gaatje moet vullen. Leg op een rustig moment uit dat één of meer tanden of kiezen ziek zijn. Vertel dat de tandarts de zieke tand of kies beter maakt. Vermijd de woorden “pijn” en “spuitje”. Laat de tandarts zelf aan uw kind vertellen wat er gaat gebeuren. Heeft uw kind vragen over de behandeling? Spreek dan af om die samen aan de tandarts te stellen. Als u de behandeling vooraf mooier voorspiegelt dan dat die in werkelijkheid is, verliest uw kind het vertrouwen in u en in de tandarts. Bovendien zal uw zoon of dochter in de toekomst meer opzien tegen een behandeling.

Melktanden zorgen voor een goede vorming van het definitieve gebit. Aantasting van de melktandjes kan voor pijn en ongemak zorgen. Het meest voorkomende probleem bij het melkgebit zijn gaatjes, ook wel cariës genoemd. Meestal beginnen die in de kiezen. Gaatjes die groter worden, kunnen pijn of ontstekingen veroorzaken. Daardoor kunnen op den duur melktanden of -kiezen afbrokkelen en kan er schade ontstaan aan het blijvend gebit. De tandarts zal meestal voorkomen dat een gaatje groter wordt. Dat kan hij doen door de cariës te verwijderen en de kies te vullen. Soms is het gaatje zo klein dat de aantasting niet verder gaat als u zelf het gebit tenminste goed verzorgt. In dat geval kan beslist worden om een afwachtende houding aan te nemen en nog geen vulling te plaatsen. De tandarts zal u dan een passend advies geven over voeding en poetsen. Als een tand of een kies snel gaat wisselen, doet de tandarts doorgaans niets.

Wat is lachgassedatie?

Behandeling van jouw kind onder lachgassedatie kan in De Copiloot worden toegepast. Lachgassedatie houdt in dat je kind via een neusmasker een mengeling van zuurstof en lachgas toegediend krijgt, met de bedoeling de tandheelkundige behandeling vlotter en in een meer ontspannen sfeer te laten verlopen. Het inademen van lachgas door het neusmasker geeft jouw kind een geruststellend, kalmerend gevoel. Het is een volkomen veilig hulpmiddel waarbij je kind steeds bij bewustzijn blijft. Je kind wordt dus niet echt verdoofd. Lachgas werkt snel en is ook weer snel uitgewerkt wanneer men de toediening stopt. Er treden ook weinig of geen nevenwerkingen op. Net als bij een gewone behandeling moet de tandarts soms wel nog plaatselijk verdoven met een prikje. Door het lachgas voelt men deze prik echter bijna niet meer, waarbij ook de angst voor de verder tandheelkundige ingreep grotendeels verdwijnt.

Hoe verloopt deze procedure?

Eerst zet de tandarts bij jouw kind een neusmaskertje op waarlangs het lachgas ingeademd wordt. Het is daarom erg belangrijk dat je kind goed door de neus kan ademen. Vervolgens wordt de toegediende dosis lachgas langzaam verhoogd tot je kind zich aangenaam ontspannen begint te voelen. De hele tijd wordt je kind gemonitord en opgevolgd, en indien nodig wordt de dosis bijgestuurd. Een speciaal hiervoor opgeleide assistente begeleidt de hele behandeling en zorgt ervoor dat alles vlot verloopt.

Wanneer de behandeling bijna afgelopen is, wordt de lachgastoevoer gestopt en krijgt je kind gedurende een paar minuten zuivere zuurstof toegediend. Je kind zal zich snel weer voelen als voorheen. Voor de zekerheid plaatsen we jullie nog enkele minuten onder supervisie. Daarna mogen jullie terug naar huis.

Voedingsadvies

  • De hele dag door eten of drinken is zeer slecht voor de tanden, omdat die telkens opnieuw ‘een aanval’ te verduren krijgen en geen tijd hebben om zich te herstellen. Probeer daarom je kinderen te houden aan maximaal vijf voedingsmomenten op een dag, drinken inclusief: ontbijt, 10 uurtje, middagmaal, vieruurtje en avondmaal. Tussendoor mogen kinderen zeker water of melk drinken. Vermijd chocomelk, grenadine of andere suikerhoudende dranken.
  • Snoep of gesuikerde dranken mag, maar met mate en bij voorkeur na de hoofdmaaltijden. Een koek of snoepje als dessert kan zeker, maar daarna is het af te raden. Dranken zoals Fristi, frisdranken (ook light), chocomelk en grenadinesiropen zijn schadelijk voor de tanden, maar ook fruitsap is niet goed. Deze dranken bevatten veel suikers én zuren. Geef ze daarom enkel bij de maaltijd en beperk ze tot 1 glas. Tijdens de maaltijd heb je veel speeksel. Dat zorgt voor een (gedeeltelijke) neutralisatie van de zuren en suikers. Met andere woorden: het speeksel spoelt alles goed door.
  • Gezonde tussendoortjes kunnen zijn: kaasjes, tomaten, natuuryoghurt, een handjevol noten… Fruit is gezond, maar beperk het tot twee of drie stukken per dag. Kies voor een koek rijk aan voedingsvezels en arm aan suikers en vetten, en laat je kind erna een glas water of melk drinken.

Poetsadvies

Poets vanaf de eerste tandjes zijn doorgebroken.

  • Tot je kind ongeveer negen jaar is (en de fijne motoriek goed heeft ontwikkeld), kan je best zijn/haar tandjes napoetsen. Laat je kind ’s morgens zelf poetsen als dit lukt, maar poets zeker ’s avonds samen.
  • Twee maal per dag poetsen, is het minimum om alle tandplak weg te krijgen.
  • Besteed bij het reinigen van het gebit aandacht aan alle kanten ervan. Denk daarbij aan de drie B’s: Binnenkant, Buitenkant en Bovenkant. Om de bovenkant te poetsen
    moet de mond ver open. De vlakken aan de binnen- en buitenkant zijn gemakkelijker te bereiken als de mond half open is.
  • Gebruik kindertandpasta tot zes jaar, omwille van de verminderde hoeveelheid fluor in de tandpasta. Een kind slikt wel eens tandpasta in en krijgt daardoor een teveel aan fluor binnen. Zodra een kind de mond kan spoelen, en overtollig water kan uitspuwen kan overgestapt worden naar een tandpasta rijk aan fluoride.
  • Na het tandenpoetsen ’s avonds, mogen kinderen niets meer eten of drinken, behalve water.
  • Ga zo snel mogelijk over op het gebruik van een beker bij het drinken.
  • Een tutje kan tot twee jaar, maar daarna leer je het best af omdat het de groei van de kaak en tanden en de spraakontwikkeling niet gunstig beïnvloedt.

Onze kindertandarts:

Dr. Ingrid Vanham